← Back to case summary

Case studies · Full order

Netherlands Ola Driver Data Access Case

Amsterdam Court of Appeal: 2023 Ola order 804

Full orderPage 15 of 15View source file ↗

De grieven 1 tot en met 4 in incidenteel hoger beroep en de grieven 2, 3, 8 en 10 in principaal hoger beroep falen. Grief 1, grieven 4 tot en met 7 en grief 9 in principaal hoger beroep hebben geheel dan wel gedeeltelijk succes. Het hof zal de hiermee samenhangende verzoeken alsnog toewijzen op na te melden wijze. Het verzoek in incident zal worden afgewezen. Ola zal als (grotendeels) in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het geding in incidenteel en principaal hoger beroep en het geding in eerste aanleg. [appellant sub 1] c.s. zullen worden veroordeeld in de kosten van het incident.

4 Beslissing

Het hof:

vernietigt de bestreden beschikking voor zover daarbij is afgewezen het verzoek van [appellant sub 1] c.s. inzake:

a. a) het op artikel 15 lid 1, aanhef, AVG gebaseerde initiële verzoek van [appellant sub 1] c.s. om inzage in de hen betreffende GPS-gegevens;

b) het op artikel 15 lid 1, aanhef, AVG gebaseerde initiële verzoek van [appellant sub 1] om inzage in hen betreffende driver device data: device details, IP address, device mobile number, login time en frequency and time of usage site/application/services;

c) het op artikel 15 lid 1, aanhef, AVG gebaseerde initiële verzoek van [appellant sub 1] om inzage in hen betreffende persoonsgegevens als genoemd in rov. 3.29 onder a tot en met d;

d) het op artikel 15 lid 1, sub h) AVG gebaseerde initiële verzoek van [appellant sub 1] c.s. om informatie over het bestaan van geautomatiseerde besluitvorming in de zin van die bepaling voor zover dat verzoek ziet op de totstandkoming van de ‘fraud probability score’, het ‘earning profile’ en de toedeling van ritten;

en in zoverre opnieuw rechtdoende:

beveelt Ola om, binnen twee maanden na betekening van deze beschikking, de hiervoor onder a) en c) genoemde verzoeken van [appellant sub 1] c.s. toe te wijzen op de wijze zoals omschreven in rov. 3.21 en 3.29, het hiervoor onder b) genoemde verzoek van [appellant sub 1] c.s. toe te wijzen alsmede het hiervoor onder d) genoemde verzoek op de wijze zoals omschreven in rov. 3.48, op straffe van verbeurte van een dwangsom ter hoogte van € 3.000,00 voor iedere dag of deel daarvan dat Ola niet voldoet aan dit bevel;

bekrachtigt de bestreden beschikking voor het overige voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen;

veroordeelt Ola in de kosten van het principaal en incidenteel hoger beroep en het geding in eerste aanleg en begroot deze kosten, voor zover tot heden aan de zijde van [appellant sub 1] c.s. gevallen op € 338,00 aan verschotten en € 3.342,00 aan salaris in hoger beroep en op € 304,00 aan verschotten en € 1.126,00 aan salaris in eerste aanleg;

veroordeelt [appellant sub 1] c.s. in de kosten van het incident en begroot deze kosten, voor zover tot heden aan de zijde van Ola gevallen, op € 0 aan verschotten en € 1.114,00 aan salaris en op € 163,- voor nasalaris, te vermeerderen met € 85,- voor nasalaris en met de kosten van het betekeningsexploot, ingeval niet binnen veertien dagen is voldaan aan de bij deze beschikking uitgesproken veroordeling(en) en betekening van deze beschikking heeft plaatsgevonden, en te vermeerderen met de wettelijke rente;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mrs. C.A.H.M. ten Dam, G.C. Boot en E. Verhulp en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 4 april 2023.

Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.

Zie HvJEU 12 januari 2023, in C-154/21, Österreichische Post , ECLI:EU:C:2023:3, punt 44, alsmede de daarin genoemde rechtspraak.

Zie ook de recente richtsnoeren die de EPDP op 18 januari 2022 heeft vastgesteld, maar die op dit moment nog onderworpen zijn aan publieke consultatie: Guidelines 01/2022 on data subject rights - Right of access,Version 1.0 . en die als volgt luiden (op blz. 4): According to Art. 15(4) the right to obtain a copy shall not adversely affect the rights and freedoms of others. (…) Art. 15(4) is not, however, applicable to the additional information on the processing as stated in Art. 15(1) lit. a.-h. The controller must be able to demonstrate that the rights or freedoms of others would be adversely affected in the concrete situation. Applying Art. 15(4) should not result in refusing the data subject’s request altogether; it would only result in leaving out or rendering illegible those parts that may have negative effects for the rights and freedoms of others.

Zie HvJEU van 20 december 2017 in C-434/16, Nowak , ECLI:EU:C:2017:994, punt 45.

Zie ten aanzien van het IP-adres ook HvJEU van 19 oktober 2016 in C 582/14, Breyer , ECLI:EU:C:2016:779.

HvJEU van 20 december 2017 in C-434/16, Nowak, ECLI:EU:C:2017:994, punt 42-43.

Vergelijk: HvJEU van 21 juni 2022 in C-817/19 Ligue des droits humains , ECLI:EU:C:2022:491, punt 210.

Zie ook de conclusie van A-G PIKAMÄE van 16 maart 2023 in C-634/21, SCHUFA Holding e.a ., ECLI:EU:C:2023:220, punt 58.